maandag 1 december 2014

Gemeente Amsterdam stopt helemaal nog niet met dwangarbeid



 Gemeente Amsterdam stopt helemaal nog niet met dwangarbeid

Vorige week is de onjuiste slagzin “De gemeente Amsterdam stopt met het werken voor je uitkering” in de publiciteit geweest. Aanleiding voor die kreet was een gemeentelijk persbericht dat op veel instemming kon rekenen. In Amsterdam worden de “participatiebanen” van zo'n drieduizend bijstandsgerechtigden afgeschaft. De instroom tot die “banen” met behoud van uitkering stopt deze maand en de afbouwperiode van de bestaande “banen” loopt tot 1 mei 2015. Maar in tegenstelling tot wat de gemeente stelt, stopt men nog helemaal niet met alle dwangarbeid (1) voor bijstandsgerechtigden.

Dat werken met behoud van uitkering nog lang niet van tafel is, werd me vorige week duidelijk uit een gesprek met SP-wethouder Arjan Vliegenthart, waar ik en een paar andere leden van het comité Dwangarbeid Nee bij aanwezig waren, onder wie ook dwangarbeiders. Het ziet er namelijk naar uit dat het Amsterdamse dwangarbeidcentrum aan de Laarderhoogtweg voorlopig nog open blijft, ondanks de belofte in het college-akkoord dat de gemeente gaat stoppen met het verplichte onbetaalde werken. De trajecten in dat centrum vallen in feite buiten alle categorieën die in de reïntegratieverordening worden genoemd. Er staan daarover geen beleidsregels op papier, laat staan dat die regels in de gemeenteraad zijn besproken.

Dwangarbeid gaat door

De comitéleden lieten de wethouder weten dat de gemeentelijke Dienst Werk en Inkomen en ook stichting Herstelling, die het dwangarbeidcentrum draaiende houdt, steeds beweren dat het op de Laarderhoogtweg om een reïntegratietraject zou gaan, ook bij de afhandeling van klachten. Maar uit veel interne stukken blijkt dat de gemeente alleen maar een disciplineringstraject voor ogen heeft. Als bijstandsgerechtigden in een ander reïntegratietraject volgens de gemeente-ambtenaren niet goed slagen of als dat traject wordt afgebroken, dan krijgen ze behalve een strafkorting op hun uitkering als extra straf dat ze naar het disciplineringstraject van Herstelling worden gestuurd. Sommige bijstandsgerechtigden werken in dat traject een jaar of langer met behoud van uitkering. Vliegenthart praatte er een beetje omheen wat er met het dwangarbeidcentrum zou gaan gebeuren. “Nou, die paar partcipatieplaatsen die er zijn, die gaan wel verdwijnen”, zei hij. “Nee, nee, daar gaat het niet om”, reageerden we. “Al die andere reïntegratietrajecten die geen officiële status hebben en nergens onder vallen, moeten ook weg.”

De wethouder bleek er warempel niet eens van op de hoogte dat de bijstandsgerechtigden in het dwangarbeidcentrum geen contract krijgen. Ook wist hij niet dat ze daar voor onbepaalde tijd moeten werken en dat er werkelijk niets op papier staat. De dwangarbeiders die bij Herstelling werken, bevestigden tegenover de wethouder dat geen enkele dwangarbeider een contract heeft en ook niet weet waar hij of zij aan toe is. Daarop kwam de wethouder met de slappe smoes dat wij geen misstanden aan hem zouden hebben gemeld, waar hij tijdens het vorige gesprek wel om had gevraagd. Maar dankzij het actie- en onderzoekswerk van het comité is eerder al een stortvloed aan klachten en misstanden naar buiten gekomen, die onder meer hebben geleid tot de publicatie van een uiterst kritisch rapport (2) en van een serie artikelen in De Volkskrant. (3) En in juni kwam nog een ander schandaal (4) aan het licht, toen bleek dat dwangarbeiders werden blootgesteld aan mosterdgas, asbest en andere schadelijke stoffen. In feite is de dwangarbeid die via Herstelling aan bijstandsgerechtigden wordt opgelegd, één grote misstand die inmiddels al jarenlang wordt aangeklaagd. De wethouder vraagt dan ook naar de bekende weg.

“Maar eh, ik kan niet zomaar het centrum sluiten. Daarover beslist de gemeenteraad”, wierp de wethouder nog tegen. “Onzin”, zeiden de comitéleden, “In overeenstemming met de wet bepaalt het college van B en W welke voorziening wordt aangeboden aan bijstandsgerechtigden. Dus jij hebt de bevoegdheid om maatregelen te nemen.” Vliegenthart lijkt niet de wil te hebben om de dwangarbeid aan de Laarderhoogtweg te beëindigen, hoewel het college-akkoord wel degelijk heeft bepaald dat verplicht onbetaald werken ook daar stopgezet moet gaan worden. In feite voert hij daarmee het akkoord niet uit en blijken de mooie woorden op papier gebakken lucht te zijn.

Nieuwe vormen van dwangarbeid?

Tijdens het gesprek kwam ook nog naar voren wat de nieuwe trajecten voor bijstandsgerechtigden inhouden. De gemeente gaat uit deze indeling:
* “Proefplaatsingen” bij werkgevers, waarbij het gaat om Wajongers die drie maanden gratis werken om hun “loonwaarde” te laten vaststellen. Werken met behoud van uitkering dus, buiten alle regels om die gelden voor een normale proeftijd.
* Een combinatie van zogenaamde “perspectiefbanen” en een “leerstage”. Het is daarbij de bedoeling dat de bijstandsgerechtigde eerst een half jaar “stage loopt” om opgeleid te worden voor de baan die hij later bij het bedrijf zou kunnen gaan krijgen. Die “stage” kan met een half jaar worden verlengd, waarna “de stage” dan zelfs een jaar zou duren. Dit alles met behoud van uitkering. In Het Parool noemt de wethouder als voorbeeld een banketbakkerij waar de bijstandsgerechtigde de beginselen van het vak leert. Na uiterlijk een jaar zou de bijstandsgerechtigde een “perspectiefbaan” aangeboden krijgen, waarbij het loon dat hij dan ontvangt deels door de werkgever en deels door de gemeente wordt betaald. De werkgever is niet verplicht om de bijstandsgerechtigde daarna in dienst te nemen, wat de deur wijd open zet voor misbruik en uitbuiting. De bijstandsgerechtigde kan daar bovenop ook nog een “perspectiefbaan” bij een andere werkgever krijgen, voor een half jaar. Zo kan het gebeuren dat een bijstandsgerechtigde een jaar “stage loopt”, een half jaar een “perspectiefbaan” heeft, vervolgens een half jaar een andere “pespectiefbaan” heeft, dus twee jaar onderweg is naar een reguliere baan, en aan het eind van het liedje toch in de bijstand blijft zitten. De wethouder heeft aangegeven dat hij op zoek wil gaan naar “perspectiefbanen” op scholen, bijvoorbeeld als ondersteunend personeel. In 2015 gaat er een proef draaien met 425 tijdelijke “perspectiefbanen”, waarvan er 115 zijn bedoeld voor jongeren. Dat kan uitgroeien tot 1000 “perspectiefbanen”, maar dan moet daar wel genoeg geld voor zijn.
* “Leerwerktrajecten” op grond van artikel 10f van de Participatiewet. Het gaat om “het bieden van ondersteuning” aan personen van 16 tot 27 jaar die nog geen “startkwalificatie” hebben behaald.
* “Beschut werk”. De gemeente kan aan iemand met een arbeidsbeperking een baan aanbieden “in een beschutte omgeving en onder aangepaste omstandigheden”.
* Instroom in een “arrangement” op basis van de Participatiewet. Het gaat om “garantiebanen met een onbepaalde duur en via loonkostensubsidie naar “loonwaarde”.

Tijdens het gesprek brachten we naar voren dat de bijstandsgerechtigde in het geval van “perspectiefbanen” en “leerstagetrajecten” steeds het risico loopt dat de werkgever alleen interesse in hem heeft zolang en voor zover hij een gratis of goedkope arbeidskracht is. Na afloop van de “stage” en de “perspectiefbaan” kan de baas hem laten vallen als een baksteen, omdat er geen verplichting is om hem als reguliere werknemer aan te nemen. Dat klemt des te meer omdat het begrip “leren” dat bij “stagetrajecten” wordt gebruikt, vaag is en allerlei vormen kan aannemen. De wethouder liet weten dat hij misbruik van de regeling niet volledig kon voorkomen. Maar als het op grote schaal zou voorkomen, dan zou de gemeente met de betrokken werkgever “geen zaken meer doen”. Dat zou ook gelden voor verdringing van bestaand betaald werk. “Als een werkgever net op grote schaal mensen heeft ontslagen, dan doen we daar ook geen zaken mee.” Vage beloften die geen enkele garantie bieden voor de bijstandsgerechtigden die het slachtoffer zijn geworden van dit soort bazen.

Schriftelijk contract?

Ook tijdens de rest van het gesprek bleef de wethouder vaag. De regels in de nieuwe reïntegratieverordening bleken boterzacht, zo werd duidelijk. In de verordening staat ferm dat doel, inhoud en duur van het reïntegratietraject van te voren moet worden vastgesteld. Daarover moet met de bijstandsgerechtigde worden gecommuniceerd, wat bij trajecten van stichting Herstelling tot nu toe echter nooit gebeurt. De wethouder liet tijdens het gesprek in het midden of de verdere invulling van het concrete traject moet worden vastgelegd in een schriftelijk contract, op papier dus, of dat een mondelinge “afspraak” voldoende zou zijn. Dat gold ook voor de motivatie waarmee gemeente-ambtenaren kunnen afwijken van de voorstellen die bijstandsgerechtigden zelf inbrengen. Ook daarbij zou een mondelinge mededeling al kunnen volstaan, wat ambtenaren uiteraard vrij spel geeft om te doen en te laten wat ze willen. De wethouder wist al helemaal niet of “de afspraken” moesten worden vastgelegd in een afzonderlijk schriftelijk contract of in een officiële beschikking. In de verordening wordt daar niets over gezegd.

Wat gaat er nu eigenlijk veranderen ten opzichte van de bestaande praktijk, waarbij vaak geen rekening wordt gehouden met de wensen en voorstellen van de bijstandsgerechtigden? Talloos zijn de misverstanden, communicatiestoornissen en welles nietes-discussies achteraf, zo is de ervaring van Dwangarbeid Nee, juist omdat er nauwelijks iets op papier staat. De comitéleden hebben slechte ervaringen met de mondelinge “afspraken” tussen klantmanagers en hun “klanten”. Tijdens het gesprek overhandigden ze de wethouder een beschikking die een van de aanwezige dwangarbeiders had ontvangen die meer dan een jaar in het “traject kantooromgeving” van het dwangarbeidcentrum heeft gezeten, zonder enig contract en zonder duidelijke “afspraken”. Hij is medeondertekenaar van een petitie (5) van een groep dwangarbeiders die onlangs in opstand kwamen. Nu wordt hij naar het Amsterdamse Bos gestuurd. Gaat er nog een jaar dwangarbeid voor hem volgen?

Geen onafhankelijke klachtencommissie

Vanwege de rechteloosheid en het misbruik waarmee dwangarbeiders worden geconfronteerd, is het van groot belang dat er een onafhankelijke klachtencommissie bestaat die bij slechte bejegening en meningsverschillen tussen klantmanagers en “klanten” objectief kan oordelen. De wethouder onderzoekt momenteel het klachtenreglement, maar wenst er geen belangrijke wijzigingen in door te voeren. Een onafhankelijke klachtencommissie wijst hij doodleuk af. Als argument daarvoor geeft hij aan dat de DWI als organisatie moet leren van de klachten. Maar dat kan ook en zelfs nog beter als de klachtencommissie onafhankelijk kan opereren, zou je zeggen. De wethouder keek daar anders tegenaan. Veel klachten worden gegrond verklaard, liet hij weten, dus de bestaande interne klachtenprocedure loopt goed. Bovendien zou de Ombudsman al een onafhankelijke procedure bieden. Als een klacht niet naar behoren is afgehandeld, zou de bijstandsgerechtigde zich tot de Ombudsman kunnen wenden.

Ook komt er niet meer ruimte voor collectieve klachten. De comitéleden hebben geprobeerd om de wethouder ervan te overtuigen dat die ruimte er wel moet komen. Veel bijstandsgerechtigden vrezen immers dat ze tijdens de interne klachtenprocedure opnieuw zullen worden geconfronteerd met dezelfde klantmanager door wie ze slecht zijn behandeld. Bovendien heeft de afdeling klachten alleen een begeleidende functie. Het antwoord op de klacht wordt opgesteld door de teammanager van de klantmanager, die zijn eigen versie geeft over de welles-nietes discussies tussen klantmanager en bijstandsgerechtigde. Die versie gaat vervolgens een eigen leven leiden. Hoog tijd dus om de bijstandsgerechtigden te voorzien van meer en stevigere procedurele mogelijkheden. Maar dat weigert de SP-er Vliegenthart dus.

Nieuwe actiepunten

Dwangarbeid en de kritiek erop komt al een hele tijd in de publiciteit, vooral ook dankzij dwangarbeiders en andere bijstandsgerechtigden die ertegen strijden. Die acties hebben resultaat. De “tegenprestatie” van de Participatiewet is door de VVD als verplichting op de agenda gezet. Volgens een enquête in het blad Binnenlands Bestuur zou tachtig procent van de gemeenten de “tegenprestatie” vrijwillig willen opleggen. Als dat inderdaad zo is, dan komt dat door het protest van onderop. En die twintig procent dan? Is de “tegenprestatie” werkelijk van tafel? Zeker niet, de strijd tegen dwangarbeid blijft broodnodig. Het comité Dwangarbeid Nee gaat voor het standpunt van de FNV: op 1 mei moet dwangarbeid het land uit zijn. Overigens spreekt de FNV niet van “dwangarbeid”, maar van “werken zonder loon”.

Niettemin is er al het nodige bereikt in de strijd tegen de Amsterdamse dwangarbeid. Dankzij de activiteiten van Dwangarbeid Nee kwam in het college-akkoord na de gemeenteraadsverkiezingen te staan: “We stoppen met het werken met behoud van uitkering”. Een half jaar later is de dwangarbeid over de hele linie nog niet afgeschaft, maar wel de “participatiebanen”. De uitwerking van het college-akkoord door wethouder Vliegenthart laat echter veel vragen open. Ondanks de afschaffing van de “partcipatiebanen” blijkt dwangarbeid voor bijstandsgerechtigden te blijven bestaan. De grootste grief is wel dat het dwangarbeidcentrum aan de Laarderhoogtweg, waar enkele honderden bijstandsgerechtigden werken, open blijft. Wat een schande, en daarvoor is de SP-wethouder rechtstreeks verantwoordelijk. Het is duidelijk dat de strijd van onderop tegen dwangarbeid onverminderd door moet gaan.

Piet van der Lende

Noten


1 opmerking: